Het kopen van een huis is een grote financiële stap. Je kan dit dus best zo goed mogelijk plannen want een woning aanschaffen is een dure zaak. Of je nu een bestaande woning wil renoveren of van start wil gaan met een nieuwbouw, het is en blijft een investering.
Een slecht gekozen kredietvorm of terugbetalingsformule kan negatieve gevolgen hebben op het gezinsbudget. Neem daarom rustig de tijd om jezelf goed te informeren over de verschillende financieringsmogelijkheden die je kan nemen.
Wat is een Woonkrediet?
Een Woonkrediet is in feite een lening voor een onroerend doel, aangegaan op lange termijn, gewaarborgd door een hypotheek op een onroerend goed of een onroerend voorrecht. Normaal gesproken kan iedereen (loontrekkende, zelfstandige, vrije beroeper…) aanspraak doen op zo’n Woonkrediet, als die handelt in een privé-hoedanigheid.
Je kan het Woonkrediet aanwenden
voor het aankopen van een bouwgrond of woning, het
bouwen van een
nieuwbouw,
ingrijpende verbouwingen of
aankoop van een tweede woning.
Looptijd van een Woonkrediet?
De looptijd van zo’n Woonkrediet kan variëren van 10 tot 30 jaar, en dit in functie van de wensen van het gekozen krediettype. Hoe korter de looptijd hoe hoger de rente zal liggen.
Voor de terugbetaling zijn verschillende mogelijkheden:
- Terugbetaling met gelijke mensualiteiten
- Terugbetaling met gelijke kapitaalaflossingen
- Terugbetaling van het kapitaal op de vervaldag van het krediet
Voor een compleet overzicht kan je best eens langsgaan bij je financiële instelling of bank.
Het renoveren van een huis kan een langdurig proces zijn, wat zeker de nodige voorbereiding nodig heeft. Om de renovatie tot een goed einde te brengen kan je volgende tips in het achterhoofd houden.
Of je nu bouwt of verbouwt, hetgeen je best altijd eerst in orde brengt zijn de nodige vergunningen voor het bouwen of verbouwen van een huis. Kort samengevat heb je geen vergunning nodig bij:
- instandhoudings- en onderhoudswerken;
- sanitaire, elektrische, verwarmings- en isolatiewerken;
- binnenverbouwingen, indien geen constructieproblemen of wijziging van het aantal woongelegenheden;
- plaatsing van dakvensters of fotovoltaïsche zonnepanelen;
- aanleg van verhardingen, tuinpaden en terrassen;
- het aanbrengen van ondergrondse constructies;
- afbraak van vrijstaande constructies.
Voor de renovatiewerken kan je best een zo volledig mogelijke offerte laten opstellen, en dit als het kan bij verschillende leveranciers of aannemers. Zo kan je de prijzen duidelijk vergelijken en grote verschillen proberen te onderzoeken.
Stel ook duidelijk een lijst op van de te verwachte uitgaven in het budget. Verbouwen is vaak niet goedkoop, dus probeer alles goed in te calculeren, zodat u niet onverwacht tot grote verrassingen komt te staan, die misschien het verdere verloop van de werken in het gedrang kan brengen.
Je kan beter niet bezuinigen op de materiaalkeuze. Duurder materiaal zal een langere levensduur hebben en zal dus ook niet snel vervangen moeten worden. Hiermee kan u dubbele kosten uitsparen. Als je een doe-het-zelver bent, koop dat goed materiaal waarmee u de verbouwingswerken zal uitvoeren. Het bespaart u heel wat frustraties.
Als je op punt staat je huis te verbouwen, of van plan bent een huis aan te kopen met de bedoeling het te renoveren, dan kan je maar beter eerst goed ingelicht zijn over de nodige vergunningen.
De eerste vraag die je jezelf moet stellen is ofdat je een stedenbouwkundige vergunning nodig hebt. Dit komt overeen met een bouwvergunning. In tegenstelling tot wat vele mensen denken is dit niet alleen verplicht bij nieuwbouw of grote verbouwingswerken.
Wel heb je geen vergunning nodig bij:
- Instandhoudings- en onderhoudswerken (zoals bijvoorbeeld het vervangen van deuren en ramen, of het vernieuwen van de dakbedekking, op voorwaarde dat het uitzicht van het huis hierdoor niet wijzigt.
- Sanitaire, elektrische, verwarmings- en isolatiewerken.
- Binnenverbouwingen (indien geen constructieproblemen of wijziging van het aantal woongelegenheden)
- Bij de plaatsing van dakvlakvensters of fotovoltaïsche zonnepanelen
- Bij de aanleg van verhardingen, tuinpaden en terrassen.
- het aanbrengen van ondergrondse constructies (zoals een regenwaterput, waterzuiveringsinstallatie, sceptische put, …)
- Bij de afbraak van vrijstaande constructies
De algemene regel bepaalt dat je bij het bouwen van een constructie een stedenbouwkundige vergunning nodig hebt. In de wetgeving ruimtelijke ordening is echter gespecifieerd dat men niet alleen bij de bouw over zo’n vergunning dient te beschikken, maar ook bij:
- een grond te gebruiken voor het plaatsen van een of meer vaste inrichtingen
- af te breken
- te herbouwen
- te verbouwen (zowel buiten als binnen het gebouw)
Zo moet je zelfs een vergunning aanvragen als:
- De constructie uit niet-duurzame materialen is opgetrokken
- De constructie uit elkaar kan worden genomen
- De constructie verplaatsbaar is
- U enkel iets wil afbreken
- U enkel iets wil heropbouwen
- Het enkel om verhardingen gaat
- De constructie ondergronds is